'Maar waar is het zink dán gebleven?' |
|
|
|
Kees van Oostenrijk, directeur RecyBEM, bestuurder Band&Milieu,
dinsdag 10 oktober 2017 |
 |
| 140 sec |
Tijdens de uitzending die de illustere titel 'Tot op de bodem ...' heeft meegekregen, zal Zembla morgen onder andere betogen dat er wel duizend kunstgrasvelden in Nederland zijn waar teveel zink in de bodem zou zitten. Uit contacten die RecyBEM met Zembla had, blijkt deze claim op los zand te zijn gebaseerd.
De makers van het beruchte tv-programma Zembla laten niet los. Ze hebben zich vastgebeten in het waanidee dat er wel iets mis moét zijn met het rubbergranulaat op kunstgrasvelden, is het niet in verband met de gezondheid, dan wel met het milieu. In hun nieuwste aflevering kijken ze ónder de velden. Volgens de makers zit Nederland met een enorm zinkprobleem opgescheept vanwege de rubberinfill. Een deugdelijke onderbouwing hiervoor ontbreekt wederom. Er worden in de uitzending naar verwachting veel meningen gedebiteerd, maar geen nieuwe feiten.
Niet gevalideerd Het aantal van duizend kunstgrasvelden-met-zinkprobleem dat wordt genoemd, is niet gevalideerd. Het is gebaseerd op een uitspraak van een aannemer, zo bleek tijdens een drie uur durend interview dat een vertegenwoordiger van RecyBEM met Zembla had. Er is geen onderzoek naar gedaan. Recente renovatieprojecten van oudere velden lieten zien dat er in de eerste 1 tot 10 centimeter onderlaag van de velden die op deze manier zijn aangelegd (en dus niet volgens de voorschriften van het RecyBEM/VACO-zorgplichtdocument) hogere concentraties zink zijn aangetroffen. Dat is geen verrassing, omdat rubber zink bevat. Het gaat er echter om of het zink ook oplost. Onder deze sporttechnische laag bevat de drainagelaag van zand hoogstens in de bovenste 1 à 2 centimeter wat meer zink dan gebruikelijk. 'Dit is dus niet anders dan bij vele andere bouwwerken in Nederland, waarbij een constructie die niet meer functioneel is bij renovatie moet worden weggehaald en vervangen. Normaal gesproken reserveren eigenaren hiervoor een bedrag in hun renovatiebegroting en is er dus niets aan de hand', verklaart Frank Hopstaken, als chemisch geoloog al vanaf het begin verbonden aan het gebruik van rubberinfill in kunstgrasvelden. 'Bovendien is hier geen sprake van rubbergranulaat als infill, maar van rubber als onderdeel van een bouwstof. De sporttechnische laag is dan een constructie- en dempingslaag. Sinds 2007 weten we dat de zinkverspreiding in het milieu wordt voorkomen als je onder rubber infillmateriaal een 40 cm dikke adsorptielaag van zand of zand/lava aanlegt. Overigens is zo'n laag op ieder kunstgrasveld nodig voor de speeltechnische kwaliteit en de demping!', aldus Hopstaken. De BSNC stond in haar onderzoek uit 2012 uitgebreid stil bij renovatie en de wijze waarop sporttechnische lagen getest en als bouwstof beoordeeld worden, waarna ze nog prima bruikbaar kunnen zijn.
Ommezwaai RecyBEM heeft in 2007 en 2009, in samenwerking met onder andere het RIVM en het toenmalige ministerie van VROM, labproeven laten doen naar de uitloging van zink. Deze proeven gaven indicaties, die vervolgens tussen 2006 en 2013 in een langdurige praktijkproef zijn getoetst. De labproeven lieten al zien dat er lage concentraties zink uitloogden. De praktijktoets, op vijf velden, gemeten over zeven jaar, bevestigde dit beeld: het drainagewater bevatte minder zink dan het regenwater dat op de velden viel.
Hopstaken: ‘Zembla brengt ook prominent de mening van sommigen naar voren dat niet het drainagewater had moeten worden gemeten, maar het water in de sloten om de velden heen en het slib. Alle betrokkenen, dus ook het RIVM en VROM, waren het er indertijd over eens dat het meten van slootwater en slib weinig zinvol is, omdat dan niet goed kan worden herleid waar de eventuele zinkconcentraties vandaan komen. Het is trouwens raar dat er nu, na tien jaar, opeens mensen zijn die kritiek lijken te hebben op de onderzoeken. We hebben ze de afgelopen tien jaar niet gehoord en nu opeens wel. De vraag is dan ook gerechtvaardigd: welk belang dient deze plotselinge ommezwaai?’
Hopstaken is zelf door Zembla geïnterviewd. Namens RecyBEM heeft hij de programmamakers proberen uit te leggen hoe het zit met dat zink. Hopstaken: ‘Het meest verwonderlijke moment was toen de redacteur mij vroeg: waar is het zink dan gebleven? Niemand heeft het kunnen vinden! Mijn antwoord: het zit nog gewoon in de korrel! Dat was door de redacteuren van Zembla blijkbaar niet als meest voor de hand liggende optie meegenomen. Goed nieuws is geen nieuws.’
LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
|
 |
|
Sebas Veenstra
dinsdag 14 november 2017 |
|
Geachte heer van Oostenrijk,
Er zijn een aantal zaken in uw betoog waar ik mij zorgen over maak.
Als verontruste ouder heb ik tot een jaar terug mij volledig verlaten op een overheid die zorg draagt voor een veilige en gezonde leefomgeving. Ik heb mij persoonlijk er altijd over verbaasd dat vermalen autobanden uitgestrooid mogen worden over sportvelden, zeker gezien de problemen die dit afval product in het verleden bood. Hierin had ik als consument blind vertrouwen in het RIVM en andere overheids instellingen.
Alle onderzoeken ten spijt er is geen enkel onderzoek wat mij garandeerd dat het volledig veilig is voor mens, dier en milieu om gemalen autobanden te gebruiken als infil materiaal voor kunstgras velden. Hoe verklaart u het dat er velden zijn waarbij de bodem binnen tien jaar zo vervuilt is dat er gedwongen gesaneerd moet worden. En ja ik ben ook bekend met velden waarbij de ondergrond zo schoon is dat er zelfs in de door jullie voorgeschreven onderlaag die de vervuiling moet opvangen totaal geen vervuiling wordt aangetroffen. Waar het mij om gaat is dat er rapporten zijn waarbij er ongeveer 190 verschillende stoffen zijn aangetroffen in het SBR. Van het meerendeel is er niets onderzocht, noch is onderzocht wat er gebeurt als deze stoffen nieuwe verbindingen aangaan. Verder is ook niet onderzocht wat de gevolgen zijn van een blootstelling aan een cocktail van deze stoffen. Diverse wetenschappers waarschuwen hiervoor. Dit wat betreft de gezondheidsproblematiek.
Wat betreft de milieu problematiek. Naast dat er diverse stoffen uitlogen is zink een van de meest voor de hand liggende om te onderzoeken. Op basis van een door de industrie gefinancierd onderzoek heeft Intron onderzoek gedaan naar het uitlogen van zink naar de ondergrond. Wanneer een bepaald soort zand gebruikt wordt bind zinkoxide zich idd aan deze zandlaag. Op basis van dit onderzoek is er een zorg document opgesteld dat stelt dat het verantwoord is het drainage water te lozen op het oppervlakte water. Dat u, terecht, stelt dat zinkoxide niet schadelijk is voor de mens, wil nog niet zeggen dat dit ook zo is voor vissen en planten. Er zijn niet voor niets diverse regels opgesteld voor de maximale hoeveelheid van deze stoffen die aanwezig mogen zijn in de ondergrond. Over de overige stoffen die uitlogen wordt weinig tot niets vermeld. Nu is het zo dat als je het vermoeden hebt dat je diverse stoffen op het oppervlakte water loost, je hier toestemming voor moet hebben. Een eerder genoemd document voorziet in de zorgplicht die er is als je drainage water loost op het oppervlakte water. Daar waar je verwacht dat het drainage water opgevangen wordt en naar een zuivering wordt afgevoerd, mag men dit dankzij dit document gewoon lozen op het oppervlakte water. Dit terwijl diverse onderzoeken aantonen dat er diverse stoffen vrijkomen die schadelijk zijn voor het milieu. Wat mij verbaast is dat hier nooit handhavend in is opgetreden. Noch is, onafhankelijk, onderzocht wat er nu eigenlijk in dit drainage water zit.
Dan nog even over de Pak’s. Ook daarover is er een filmpje verschenen. Ik heb dit filmpje nog niet gezien, echter gezien uw eerdere reactie’s zal ook blootstelling hieraan geen problemen voor de gezondheid opleveren. Dit in tegenspraak van diverse onderzoeken en als veilig aangenomen normen. De veilige kind norm voor blootstelling aan Pak’s is 0,5 mg/kg. Volgens mij is jullie schoonste norm 20 mg/kg. Dit is toch “slechts” een overschrijding van 40 maal die norm? Oh ja, dankzij een dubieuze lobby hoeft het rubbergranulaat niet te voldoen aan de consumenten norm noch de kind norm. Daar waar je zou verwachten dat we beschermt worden door Europese regelgeving voor consumenten producten gaat die vlieger hier niet op. Onder het mom van circulaire economie knijpt de overheid een oogje toe en laat het de industrie zijn gang gaan. Met als inzet de gezondheid van in het bijzonder onze kinderen.
Dus meneer van Oostenrijk, wanneer komt u nu eens met overtuigend bewijs dat rubbergranulaat gemaakt van vermalen autobanden veilig is in gebruik voor mens dier en milieu. En doe dit nu eens zonder de wetenschappers die het tegendeel bewijzen in diskrediet te brengen.
In afwachting van uw reactie, Met vriendelijke groet,
Sebas Veenstra
|
|
|
Tip de redactie
|